Leiden is soms lijden

week 15 - 2018

Sinds de verkiezingen vragen veel mensen aan mij hoe het gaat met de collegeonderhandelingen en wanneer er een nieuw college gevormd wordt. Mijn antwoord is dan steevast: dat weet ik niet, want dat is aan de onderhandelende partijen. Als burgemeester zit ik daar namelijk niet bij.

De positie van een burgemeester in deze fase na de verkiezingen is bijzonder beperkt. En wat er geregeld is, is ook nog eens bijzonder vaag. Door de minister van BZK zijn in 2014 in een brief aan de gemeenten aanbevelingen gedaan om de burgemeester in deze fase van onderhandelingen nauw te betrekken en in positie te brengen. In de Gemeentewet staat voorts dat als het coalitieakkoord er is, de burgemeester de mogelijkheid heeft om daar nog een reactie op te geven. Die reactie zal met het coalitieakkoord uiteraard aan de gemeenteraad aangeboden worden, maar er is geen enkele verplichting om met de opmerkingen van de burgemeester rekening te houden. 

Het is de eerste keer dat ik dit proces als burgemeester mee maak. En ik moet zeggen: het voelt als op je handen moeten zitten. Veroordeeld te zijn tot een afwachtende rol, bij een proces dat voor de voortzetting van het gemeentebestuur van wezenlijke betekenis is, vind ik verre van gemakkelijk. Die passiviteit past niet goed bij mij, een lastige karaktertrek in deze periode. Maar ik vind het eerlijk gezegd ook niet passen bij de functionele verantwoordelijkheid die je als burgemeester voor de gemeente hebt.

Als voorzitter van de raad en voorzitter van het college heeft een belangrijke taak om de kwaliteit en ordentelijkheid van de besluitvorming in de gemeente te bewaken en waar nodig te stimuleren. De burgemeester is verantwoordelijk voor de eenheid van beleid en de integrale uitvoering. Dat betekent kritisch en  op hoofdlijnen volgen van alle in het college voorbij komende beleidsvoorstellen, maar ook zorgen dat de raad goed wordt gepositioneerd. Ook erop toezien dat de collegeleden elkaars beleid ondersteunen en onderling goed samenwerken waar er raakvlakken zijn tussen de verschillende portefeuilles. Ook heeft de burgemeester een wettelijke taak gekregen in het bewaken van de integriteit van het bestuur.

De burgemeester vervult met die coƶrdinerende en verbindende taken dus  een centrale rol in het goed functioneren van het lokale bestuur. Los daarvan heeft de burgemeester nog zijn eigenstandige  wettelijke verantwoordelijkheden op de gebieden van openbare orde en veiligheid. Ook op die terreinen zie je steeds meer raakvlakken ontstaan met beleidsvelden van de wethouders, bijvoorbeeld op het gebied van jeugdbeleid en zorg (verwarde personen, huiselijk geweld), handhaving (toezicht op brandveiligheid gebouwen en woningen) en dienstverlening (bescherming persoonsgegevens en veilige  procedures rondom identiteitspapieren).

Ook dat maakt de burgemeester volop deelgenoot van het collegiale bestuur en beleid Het is dus wel raar en ook niet optimaal dat je als burgemeester niet zelf aan de collegeonderhandelingen kunt deelnemen. En pas weer in beeld komt als anderen voor jou bepaald hebben wat de komende jaren de richting wordt van het nieuwe dagelijks bestuur. Ik lijd dus wat af in deze periode, zult u begrijpen. Ik zou mijzelf een veel actievere rol toewensen.

Overigens draag ik dat lijden met vertrouwen. Ik word op de hoogte gehouden van het proces. En ik heb er zeker vertrouwen in dat de onderhandelingen een resultaat opleveren waar ik mij ook goed in zal kunnen vinden. En waar ik als burgemeester weer met betrokkenheid en bevlogenheid mee richting aan kan geven. Tot het akkoord er daadwerkelijk is, blijf ik nog even afwachten, een goede oefening in loslaten.