Waar is het ontwerp van de poort op gebaseerd?

Op 1 april 1572 vielen de Watergeuzen op bastion IX via de Noordpoort de stad Brielle binnen. Het plan om op bastion IX de Noordpoort op abstracte wijze met hout te reconstrueren is gebaseerd op een nauwkeurige analyse van de historie en de locatie. Er is gekozen voor een houten poort omdat het niet exact bekend is hoe de poort eruit heeft gezien. De afmeting van de poort is een zo waarheidsgetrouw mogelijke aanname, op basis van archiefonderzoek, bouwhistorisch onderzoek en archeologisch onderzoek. Door het gebruik van hout is de poort direct herkenbaar als een eigentijdse, latere toevoeging. In 2022 vieren we 450 jaar vrijheid, doel is voor 2022 de historie van de locatie op een vernieuwende en inspirerende manier beleefbaar te maken.

Hoe is er tot dit ontwerp gekomen?

In de zomer van 2018 is gestart met het ophalen van ideeën. Via een oproep in de krant en sociale media hebben diverse bewoners zich aangemeld. Daarnaast is er gesproken met o.a. omwonenden, geïnteresseerde Briellenaren, bestuurders, ontwerpers, vrijwilligersorganisaties, monumentencommissie, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Vervolgens zijn er twee ontwerpbureaus uitgenodigd voor de presentatie van hun visie op de opgehaalde ideeën. Uit het brede scala aan participanten is een adviescommissie samengesteld. Deze adviescommissie heeft unaniem RO&AD architecten gekozen als ontwerpbureau op basis van hun eerder gemaakte eigentijdse ontwerpen. De architecten hebben in overleg met de participanten diverse schetsvoorstellen ontwikkeld en getoetst, resulterend in het gepresenteerde voorontwerp. Momenteel wordt er gewerkt aan de integratie van de beleving van het verhaal van 1 april 1572 in het ontwerp. 

Eind 2020 zijn de benodigde vergunningen ter inzage gelegd. Hierop zijn 53 zienswijzen ingediend. De meeste indieners zijn het eens dat de historisch belangrijke plek opgewaardeerd  moet worden, zodat je het verhaal van 1 april 1572 kunt ervaren. Een veel gehoord bezwaar van de indieners is dat de voorgestelde planontwikkeling de monumentale waarden van de locatie te veel aantast. Over deze monumentale waarden zijn ook vragen gesteld door de monumentencommissie en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Om deze reden zijn diverse onderzoeken uitgevoerd en is het Noordpoort ontwerp - op basis van de resultaten van de onderzoeken - op meerdere punten aangepast. De meest zichtbare aanpassing is het verwijderen van beide zijkanten van de poort. 

Dit ontwerp past toch niet bij Brielle?

Het ontwerp en de grootte is gebaseerd op de afmetingen van de oorspronkelijke Noordpoort. Door het gebruik van hout is de poort direct herkenbaar als een eigentijdse, latere toevoeging. Het resultaat is een opvallend ontwerp, een ontwerp wat een reactie oproept. Ondanks het participatieproces zal niet iedereen hier hetzelfde over denken. De een vindt het een iconisch ontwerp waarmee de historisch belangrijke locatie de verdiende aandacht krijgt, de ander vindt het niet mooi en onnodig. 

Waarom is er gekozen voor deze locatie? Er zijn betere locaties in Brielle voor een dergelijk bouwwerk.

Gelet op de geschiedenis is dit de enige geschikte plek in Brielle. Op 1 april 1572 vielen de Watergeuzen op bastion IX via de Noordpoort de stad Brielle binnen. Deze voor de geschiedenis van Brielle én Nederland belangrijke locatie verdient meer aandacht en wordt daarom opnieuw ingericht. Het streven is om van bastion IX een (ontmoetings)plek te maken voor inwoners en bezoekers van Brielle. Een plek waar je als Briellenaar trots op bent, samenkomt en de geschiedenis kunt herbeleven. In 2022 vieren we 450 jaar vrijheid, doel is voor 2022 de historie van de locatie op een vernieuwende en inspirerende manier beleefbaar te maken.

Waarom is de poort zo groot?

Het idee van het gekozen ontwerp is om de Noordpoort op een abstracte wijze te reconstrueren en de route waarlangs de Geuzen in 1572 de stad naderden te markeren door het aanbrengen van een zogeheten 'Geuzenlijn'. Het ontwerp en de grootte is gebaseerd op de afmetingen van de oorspronkelijke Noordpoort. Hier is uitgebreid onderzoek naar gedaan. Door het gebruik van hout is de poort direct herkenbaar als een eigentijdse, latere toevoeging. 

Waarom is er gekozen voor hout en niet voor steen?

In het ontwerp is om meerdere redenen niet gekozen voor steen. Een stenen poort zou namelijk suggereren dat de poort uit de Middeleeuwen dateert, wat geschiedvervalsing zou zijn. Het is niet exact bekend hoe de poort eruit heeft gezien en daarom zou een stenen poort te veel aannames voor de architectuur van de poort gedaan worden. Door de poort in hout uit te voeren, kan de reconstructie abstracter uitgevoerd worden. Daarnaast is de poort transparant, waardoor het huidige bastion met de kazemat zichtbaar blijft. Maar ook is de het van belang dat de nog aanwezige middeleeuwse fundering niet te veel belast wordt.  Hout is lichter dan steen en daardoor geschikter.

Is het niet veel mooier om alleen de fundering bloot te leggen zoals bij het Zusterhof?

Het blootleggen van de middeleeuwse fundering is om  meerdere redenen niet wenselijk of mogelijk De insteek van het plan is om de situatie van 1572 te verbeelden. Uit de resultaten van de uitgevoerde onderzoeken blijkt dat dit maaiveld op 27,5cm onder het huidige maaiveld ligt. Met een afgraving dieper dan 27,5cm wordt een situatie gecreëerd die er nooit is geweest.

Ook blijkt uit een visuele inspectie en uit de genomen boormonsters van het metselwerk dat het metselwerk van de middeleeuwse fundering poreus is en een minimale binding heeft. Zolang het metselwerk ondergronds blijft is dit geen probleem. Maar indien het metselwerk bovengronds komt te liggen zal het historische metselwerk ernstig in verval raken. Het metselwerk zal worden aangetast door mechanische verwering (schades ten gevolge van belopen, stoten, c.a.) en door schades ten gevolge van vochttransport en vorst. Een glazen afdekking beschermt het metselwerk tegen mechanische verwering, de aantastingen door vochttransport en door vorst blijven echter bestaan. Het is gelet op de zeer slechte staat van het middeleeuwse metselwerk niet mogelijk het metselwerk te restaureren of te conserveren waardoor het verval gestopt wordt. Een optie is het muurwerk geheel of grotendeels opnieuw op te metselen, hierbij gaat echter heel veel historisch waardevol materiaal verloren wat niet wenselijk is.


Daarbij is het niet veilig om het metselwerk van de middeleeuwse fundering bloot te leggen. Zonder een grondpakket is de constructie niet stabiel, zeker gelet op het feit dat de binding van het metselwerk  gering is en bij een bovengrondse situatie snel achteruit zal gaan. Daarbovenop maken de vestingwerken deel uit van de waterkering. De waterkering is in beheer bij het waterschap  Hollandse Delta. Het waterschap gaat niet akkoord met een diepe, permanente ontgraving die de stabiliteit en daarmee faalkansmechanisme van de waterkering aantasten. Afgravingen kunnen alleen worden toegestaan als de stabiliteit en faalkansmechanisme gewaarborgd blijven. Die mogelijkheid is er, maar zal hoge kosten met zich meebrengen.

Wel is in de planontwikkeling het maaiveld verlaagd tot het niveau van het maaiveld van 1572. Dit houdt in dat een deel van het resterende metselwerk uit 1572 deels weer in het zicht komt als het plan wordt uitgevoerd. Met behulp van de resultaten van het archeologisch onderzoek is de diepte van de opgraving bepaald.

Waarom zijn er gaten in de fundamenten geboord?

De boringen zijn nodig om de opbouw van het metselwerk in kaart te brengen, de diepte van het metselwerk te kunnen bepalen en de samenhang in het metselwerk te onderzoeken. Met deze input heeft de constructeur de fixatie van de houten poort op de fundering doorgerekend. Al de onderzoeken worden uitgevoerd in overleg met de architecten, constructeurs en consulenten RCE. De onderzoeksresultaten zijn te bekijken op de website.

Is het bouwwerk veilig?

Zoals elk bouwwerk in Nederland, moet het bouwwerk voldoen aan het Bouwbesluit. De voor bezoekers toegankelijke plekken worden voorzien van een valbeveiliging. Het bouwwerk is niet ontworpen als speelobject en niet bedoeld om in te klimmen.  

Wordt het geen hangplek voor jongeren?

Het is een open bouwwerk, dus geen vanzelfsprekende, beschutte hangplek. Verder is er sprake van sociale controle.

Hoe wordt omgegaan met vandalisme, graffiti en brandstichting?

Het is mogelijk om het bouwwerk te behandelen tegen graffiti en brandstichting, hierover is nog geen besluit genomen. Verder is er sprake van sociale controle.

Wat kost het bouwwerk? Kan het geld niet beter elders besteed worden?

De gemeentelijke begroting is het resultaat van een afweging tussen een grote diversiteit aan belangen (sociale belangen, kwaliteit buitenruimte, sport, kunst en cultuur, etc.) De raad maakt deze afweging zorgvuldig. Brielle heeft er voor gekozen actief in te zetten op toerisme. De herinrichting past binnen dit kader, bezoekers vergroten de levendigheid in de binnenstad en dragen bij aan een gezond ondernemersklimaat.

  • Het bouwwerk is geraamd op € 400.000,00;
  • Voor ontwerpkosten, archeologisch onderzoek, conservering metselwerk, het maken van het amfitheater en de Geuzenlijn, is c.a. € 450.000,00 gereserveerd;
  • De opwaardering van de Dijkstraat is geraamd op € 150.000,00. 

Is er rekening gehouden met onderhoudskosten?

Het bouwwerk wordt gebouwd in een duurzame houtsoort (Accoya-hout), waardoor het houtwerk de komende decennia onderhoudsvrij is. Extra onderhoudskosten zijn o.a. het maaien van de taluds, het verwijderen van bladeren en het schoonhouden van de locatie. Deze kosten worden nog inzichtelijk gemaakt. 

Is er rekening gehouden met de toegankelijkheid voor mindervaliden?

Over de monumentale waarden van bastion IX zijn vragen gesteld door diverse zienswijze indieners, de monumentencommissie en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Om deze reden zijn diverse onderzoeken uitgevoerd en is het Noordpoort ontwerp - op basis van de resultaten van de onderzoeken - op meerdere punten aangepast. De meest zichtbare aanpassing is het verwijderen van beide zijkanten van de poort. Hierdoor is de eerste verdieping van het bouwwerk niet toegankelijk voor mindervaliden, zoals in het voorontwerp wel het geval was. De commissie toegankelijkheid is hiervan op de hoogte gesteld. 

Is er voldoende ruimte voor het 1 april spel?

Er is uitgebreid overleg geweest met de 1 april vereniging en het plan is conform hun wensen aangepast. De ontwikkeling beperkt de ruimte voor het 1 april spel niet.

Moet het 1 april spel nu aangepast worden?

Het is aan de 1 april vereniging hoe zij het 1 april spel vormgeven. Voorlopig (zeker tot en met het jaar 2022) is het uitgangspunt het eindspel op bastion IX te spelen. De vereniging denkt na over een toekomstige afstemming van het spel op de heringerichte locatie. 

Hoe weten mensen wat er in 1572 is gebeurd als ze op deze locatie zijn?

Er wordt momenteel door bureau Kinkorn in samenspraak met RO&AD Architecten gewerkt aan een ontwerp voor de beleving. Ook wordt er gewerkt aan de Geuzen- en Martelarenroute die op deze locatie start.

De locatie is moeilijk vindbaar en bereikbaar, waar moet er geparkeerd worden?

Om de locatie vindbaar en bereikbaar te maken, is aansluiting gezocht met diverse projecten uit de binnenstad- en havenvisie. Het doel van de plannen zijn als volgt:

  • Bezoekers laten parkeren buiten de binnenstad;
  • Het fiets- en voetveer vanaf het Brielse meer in de binnenstad laten aanmeren (kop Maarland ZZ, in het verlengde van ’t Werfje);
  • De wandelroutes op de vesting opwaarderen en aanpassen; 
  • Bastion IX sluit aan op de geplande Geuzen- en Martelarenroute. Via deze route is er ook verbinding met het museum;
  • De Dijkstraat wordt opgewaardeerd.

Worden er bomen gekapt?

Er worden in principe geen bomen gekapt, tenzij deze op de exacte locatie van het bouwwerk staan.

Mogen omwonenden meedenken over de herinrichting Dijkstraat?

Ja, omwonenden worden later dit jaar per brief uitgenodigd om over de inrichting van de straat mee te denken. De planvorming en het daarmee samenhangende participatieproces is nog niet gestart. Gelet op de uitvoeringsplanning herinrichting Dijkstraat is hier nog voldoende tijd voor. De herinrichting wordt pas na afronding van de bouwwerkzaamheden Bastion IX uitgevoerd om eventuele schades t.g.v. bouwverkeer aan nieuw straatwerk te voorkomen. Omwonenden worden per brief uitgenodigd om mee te denken over de herinrichting van de Dijkstraat.

Tijdens de bijeenkomst worden suggesties opgehaald die door Buro Lubbers kunnen worden verwerkt in het ontwerp. De bijeenkomst wordt op beeld opgenomen, zodat omwonenden die niet kunnen deelnemen hun reactie later per mail kenbaar kunnen maken. Ook wordt er van de bijeenkomst een verslag gemaakt, waar alle suggesties, wensen en ideeën – voor en achteraf – in worden opgenomen. Tijdens de eerste bijeenkomst wordt bij deelnemers gepeild of een tweede bijeenkomst gewenst is. Het definitief ontwerp wordt teruggekoppeld voordat het in uitvoering gaat. Daarnaast wordt het ontwerp besproken met de leden van de binnenstad- en havenvisie klankbordgroep. Alle deelnemers krijgen terugkoppeling op hun inbreng.

 

Hoe vindt de verankering plaats in de Noordpoort restanten?

De druk- en reactiekrachten op de fundatie zijn berekend. Uit het onderzoek van de metselwerk fundatie en de berekeningen blijkt dat de drukkrachten van het lichte, houten bouwwerk goed op te vangen zijn in de fundatie. Er moeten wel voorzieningen getroffen worden voor de reactiekrachten. Het metselwerk uit de vorige eeuw is te onsamenhangend voor de opvang van deze krachten. Het houten bouwwerk wordt met 10 groutankers in de ondergrond gefixeerd. Hiervoor worden de 8 al gemaakte gaten t.b.v. het metserwerkonderzoek gebruikt, er worden 2 gaten met een diameter van 70mm bij geboord. Voor de fixatie van de groutankers wordt geen cementmortel, maar een kalkmortel gebruikt. Kalkmortel past qua vervormingscapaciteit en poriënstructuur beter bij het middeleeuwse metselwerk dan een cementmortel.

Zowel de monumentencommissie als de RCE adviseren positief over de verankering. Ondanks dat het geleverde constructie onderzoek stelt dat er door de gekozen techniek geen schade te verwachten is, adviseert de RCE een monitorigsplan voor langere tijd op te stellen om te controleren of er in de praktijk inderdaad geen schade optreedt aan het rijksmonument Noorpoort. De langdurige monitoring van het metselwerk wordt als voorwaarde aan de omgevingsvergunning verbonden.