Voorne-Putten neemt concrete stappen richting aardgasvrij

De vier gemeenten van Voorne-Putten bereiden zich voor op een toekomst zonder aardgas.

In het afgelopen jaar onderzochten de gemeenten samen met de woningcorporaties en de netbeheerder welke duurzame alternatieven er zijn voor aardgas. En ook in welk tijdspad de overstap op aardgasvrij op het eiland kan plaatsvinden. De resultaten van dit onderzoek staan in de Warmtetransitievisie Voorne-Putten. Een groep van 50 inwoners van Voorne-Putten heeft actief meegedacht over deze visie op warmte. 


Besluitvorming Warmtetransitievisie

De gemeenteraden van de gemeenten Brielle, Hellevoetsluis, Nissewaard en Westvoorne bespreken de concept Warmtetransitievisie Voorne-Putten naar verwachting in hun vergaderingen van april en mei. Dit is afhankelijk van de ontwikkelingen rondom het coronavirus (COVID-19). Als de gemeenteraden akkoord gaan met deze visie op warmte, zetten de vier gemeenten een belangrijke stap voorwaarts op weg naar een aardgasvrij Voorne-Putten in 2050.

Wethouder Igor Bal, gemeente Nissewaard: “De gemeenten van Voorne-Putten staan voor een grote opgave in de overgang naar aardgasvrij. Maar deze opgave doen we niet alleen. Dit doen we met elkaar en dit doen we zorgvuldig. Met bewoners, gemeenten, ondernemers en andere partijen. En vanuit de waardevolle principes die de groep van 50 inwoners ons heeft meegegeven: komen tot een gedragen, solidaire, betrouwbare en betaalbare duurzame warmtevoorziening op Voorne-Putten. We vinden het belangrijk dat er op Voorne-Putten niemand in de kou staat”.

Wat zijn de alternatieven voor aardgas? 

Voor het grootste gedeelte van de wijken op Voorne-Putten geldt dat een aansluiting op een warmtenet op dit moment een beter alternatief is dan een geheel elektrische oplossing, zoals met een warmtepomp. Warmtenetten kunnen gevoed worden door bijvoorbeeld restwarmte vanuit het havengebied of door eigen aardwarmte op Voorne-Putten. De potentie van aardwarmte is groot in de bodem van ons eiland en vormt dan ook een belangrijke kans in de overstap naar aardgasvrij. 
Gezamenlijk willen de gemeenten de potentie van aardwarmte op Voorne-Putten nader gaan verkennen en tegelijkertijd de mogelijkheden voor gebruik van restwarmte onderzoeken. 
Momenteel wordt er in heel het land ook geëxperimenteerd met innovatieve oplossingen, zoals waterstof. De vier gemeenten volgen de ontwikkeling van deze nieuwe technieken op de voet en zullen steeds op basis van nieuwe inzichten de analyse van de beste alternatieven herzien. 

Wanneer worden wijken aardgasvrij? 

Welke duurzame alternatieven voor aardgas in de wijken toegepast gaan worden en wanneer wijken precies aardgasvrij worden, is nu nog niet bekend. Wel is er in de concept Warmtetransitievisie een indeling gemaakt naar wijken waar voorbereidingen vóór 2030 starten en wijken waar de voorbereidingen ná 2030 starten. Gemeenten, woningcorporaties, energieleveranciers en netbeheerder Stedin starten samen met bewoners en ondernemers een zorgvuldig proces waarbij voor iedere wijk een plan wordt gemaakt hoe en wanneer de wijk aardgasvrij wordt. Voor alle wijken geldt dat bewoners alvast aan de slag kunnen met energie besparen. Zoals het gebruik van radiatorfolie en ledlampen, of door hun huizen te isoleren. 

Waarom aardgasvrij?

Zowel landelijk als wereldwijd zijn er afspraken gemaakt om de CO2-uitstoot te verminderen om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Het gebruik van aardgas om huizen en gebouwen te verwarmen zorgt voor veel CO2-uitstoot en daarmee voor klimaatverandering. Door de ontwikkelingen in Groningen heeft de Rijksoverheid ervoor gekozen om stapsgewijs richting 2050 te stoppen met het gebruik van aardgas. Woningen en gebouwen zullen in de toekomst op een andere manier verwarmd moeten worden. Ook zal er niet langer meer op aardgas gekookt kunnen worden. In Nederland is afgesproken dat uiterlijk in 2050 alle huizen en gebouwen in Nederland aardgasvrij zijn. 
Op Voorne-Putten staan ruim 71.000 woningen en 3.500 bedrijfsgebouwen. Samen met de bewoners en gebouweigenaren zoeken de gemeenten naar de beste oplossing, met een eerste inzet op besparing en een keuze voor alternatieve warmtebron(nen). Dit gebeurt stapsgewijs, omdat niet alle wijken in één keer aangepakt kunnen worden.