Zeehelden

week 26 - 2015

Op 25 juni wordt een schilderstuk met een klein portret van Maarten Harpertszoon Tromp aangeboden aan het college van B&W van Brielle. Dat wordt vast een mooie gebeurtenis, want deze 17e eeuwse zeeheld is immers net zo met Brielle verstrengeld  als de watergeuzen bijna een eeuw eerder. Dat Brielle ooit een stad van zeehelden was, is overigens veel minder bekend dan de relatie van Brielle met de watergeuzen. Misschien komt daar met de publiciteit over het in bruikleen ontvangen portretje, dat in ons stadsmuseum De Tachtigjarige Oorlog komt te hangen, verandering in.

Wie op google zoekt naar de Nederlandse zeehelden, komt al snel een soort top 40 tegen. Tenminste drie van de grootste 17e eeuwse zeehelden kwamen uit Brielle. Naast Maarten Hzn.Tromp, die in 1598 in Den Briel werd geboren en er in verschillende perioden van zijn leven woonde, waren dat Witte de With (1599-1658) en Philips van Almonde (1644-1711). Die twee waren misschien niet zo bekend als Maarten Hzn. Tromp, maar ze speelden wel degelijk een belangrijke rol in de verschillende zeeoorlogen die de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden met vooral Engeland uitvocht.

Op de lagere school – een halve eeuw geleden al weer – leerden we de zeehelden al kennen.  De vlootaanvoerders uit de zeeoorlogen waren ook in de 17e eeuw echte volkshelden. Vergelijkbaar met wat nu beroemde sportlieden en popsterren zijn. Hun heldendaden werden via gedichten en liederen breed uitgedragen. Op prachtige schilderijen werden de zeeslagen uitgebeeld. Het droeg allemaal bij aan hun bekendheid. Hoe populair de vlootaanvoerders waren blijkt ook uit de wijze waarop ze na hun dood werden begraven en geëerd.

Er vonden vaak enorme begrafenisstoeten plaats met veel hoogwaardigheidsbekleders en duizenden belangstellenden langs de kant. Menig admiraal of vice-admiraal van de vloot heeft een mooi praalgraf gekregen. Het praalgraf van Maarten Hzn. Tromp kan bijvoorbeeld nog bewonderd worden in de Oude Kerk van Delft. De beroemdste zeeheld, Michiel de Ruyter, werd bijgezet in een prachtig praalgraf in de Nieuwe Kerk van Amsterdam. Witte de With kreeg zijn eregraf in de Rotterdamse Laurenskerk. En natuurlijk is er het mooie grafmonument voor Philips van Almonde in onze eigen Brielse Catharijnekerk.

De heldenverering van de Nederlandse admiraals hing natuurlijk sterk samen met de belangrijke rol die de Republiek in de 17e eeuw had als zeevarende handelsnatie. De primaire  functie van de oorlogsschepen van de verschillende Admiraliteiten was niet om oorlog te voeren, maar om bescherming te bieden aan de Nederlandse koopvaardijschepen. Die gingen immers alle wereldzeeën over om handel te drijven. Niet alleen allerlei kapers – de Duinkerkse kapers waren berucht – lagen op de loer om die handelsschepen te plunderen, maar ook vijandige naties die de vrije handel wilden belemmeren of hoge tol voor de doorgang eisten. De Verenigde Republiek wenste absolute vrijhandel over de zeeën, terwijl Engeland juist allerlei beschermende maatregelen afkondigde voor de eigen koopvaardijschepen en de zeehandel in de eigen wateren voor andere naties het liefst verbood. Het vormde de basis voor diverse oorlogen die ter zee werden uitgevochten.

Het is mooi dat een aantal overblijfselen van ons historisch erfgoed nog steeds aan de Brielse zeehelden doet herinneren. Zoals het grote scheepskanon in de entree van het Oude Raadhuis, dat afkomstig is van het oorlogsschip Brederode, waarop onze Maarten Hzn. Tromp in 1658 tijdens een zeeslag  zijn einde vond. Dat vele zeehelden aan boord van een oorlogsschip tragisch aan hun einde zijn gekomen, is een beetje inherent aan hun professie.  Maar blijkbaar was dat geen reden om medelijden met ze te hebben. Integendeel, roem, pracht en praal viel hen na hun dood in het vaderland ten deel. Hoe anders was dat overigens voor de vele tientallen scheepsjongens en bemanningsleden op de oorlogsschepen die ook uit Brielle afkomstig moeten zijn geweest. Die gingen letterlijk roemloos in de zeewateren ten onder  en bleven tot op de dag van vandaag anoniem.

In Brielle koesteren we dat we een stukje van het 17e eeuwse zeeheldendom hebben voortgebracht.