Kleine kernen

week 11 - 2016

Tot afgelopen week wist ik niet dat het bestond, de Vereniging van Kleine Kernen in Zuid-Holland. Afgelopen vrijdag bleek dat deze vereniging al behoorlijk wat jaren bestaat en ieder jaar wel een bijeenkomst organiseert. Deze keer was ik er zelf ook bij in het gebouw van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten in Den Haag. Onze gemeente heeft naast de stad Brielle sinds 1980 immers ook twee kernen, Zwartewaal en Vierpolders.

De kleine kernen in ons land hebben zich ooit verenigd om tegenspel te bieden aan de toenemende roep om schaalvergroting van gemeenten. Dat heeft niet veel geholpen, want samenvoeging van gemeenten is een continue proces. Terecht, want veel kleine gemeenten zijn niet meer naar behoren in staat alle wettelijk taken goed uit te voeren. Er komen steeds meer verantwoordelijkheden op gemeenten af, waardoor ook kritisch gekeken moet worden naar de benodigde bestuurs- en organisatiekracht. Nagenoeg alle gemeenten werken met omliggende gemeenten samen bij de uitvoering van taken. Vooral op het sociale wetgevingsterrein en ook als het gaat om milieuhandhaving, ruimtelijk beleid en verkeer- en vervoersbeleid. Bovendien is een zekere schaalomvang nodig om de dienstverlening aan inwoners en bedrijven te kunnen verbeteren en  de nieuwe kansen van de digitalisering te benutten. Er zijn bijna geen gemeenten meer die alles alleen kunnen. Wel kunnen grote gemeenten veel krachtiger opereren dan kleinere. Schaalvergroting, ambtelijk en/of bestuurlijk, is voor kleinere gemeenten dus wel degelijk het overwegen waard.

Toch heeft de Vereniging van Kleine Kernen in mijn ogen nog steeds een belangrijke taak. Niet om schaalvergroting tegen te houden, maar vooral om te benadrukken dat zeggenschap over de eigen leef- en woonomgeving voor inwoners van wijken en kernen een belangrijk referentiekader moet blijven. Een gemeente is namelijk niet hetzelfde als een gemeenschap. De gemeente is een administratief-bestuurlijke organisatievorm voor het zo efficiënt en effectief mogelijk uitvoeren van wettelijke medebewindstaken. Alle burgers en bedrijven hebben er belang bij dat die taken zo goed en goedkoop mogelijk worden uitgevoerd. De gemeenschap staat voor de identificatie van de  inwoners met de buurt en plek waar ze wonen,  waar de kinderen naar school gaan, waar de verenigingen zitten waarvan men lid is, waar de kerk, de bibliotheek en het zorgcentrum  staan, waar de gezondheidspraktijk en de winkels voor de dagelijkse levensbehoeften zich bevinden. De gemeenschap kortom is de directe leefomgeving waarmee men zich emotioneel verwant voelt en waarvoor men zich ook verantwoordelijk voelt. De eigen gemeenschap – of dat nou een kern is of de wijk in een stad -  is dan ook hetgeen waarover mensen graag iets te zeggen willen hebben of houden.

Gemeente en gemeenschap zijn dus verschillende zaken die goed kunnen samengaan. Bij gemeentelijke ambtelijke of bestuurlijke opschaling moet je daarom goed oog houden voor de beleving van mensen in de kleine kernen of in de wijken van de stad. Zowel bij de dienstverlening naar de inwoners toe, maar ook als het gaat om invloed en zeggenschap. Opschalen en concentreren kan goed samen gaan met het decentraliseren van invloed en zeggenschap naar het laagste niveau: de wijk of kern waarin de burgers wonen en leven. Dat kan wat mij betreft zelfs betekenen dat wijk- of dorpsraden de beschikking krijgen over eigen budgetten en eigen bevoegdheden over de besteding daarvan. Dat past ook goed in het huidige tijdsgewricht, waarin steeds meer verantwoordelijkheid van de overheid bij inwoners en bedrijven wordt gelegd. Niet alleen vanuit financiële overwegingen, zoals vaak gebeurt, de mensen in de wijk of kern weten samen beter wat er nodig is om de eigen gemeenschap in stand te houden dan een overheid op relatief grote afstand.

Natuurlijk horen daar spelregels bij en moet het speelveld goed afgebakend worden, want er zitten ook zeker wel voetangels en klemmen aan. Maar wat mij betreft kan zeker gestreefd worden bewonersparticipatie naar een nieuw niveau te tillen. Een niveau waarin de verantwoordelijkheid voor een belangrijk deel van  je directe omgeving primair bij de inwoners wordt gelegd en de lokale overheid vooral een ondersteunende en faciliterende functie vervult. Desnoods kan met experimenten op kleine schaal worden gestart. Tijdens de conferentie bleek dat er al heel wat aardige praktijkvoorbeelden van bewonerszelfbestuur  in Zuid-Holland bestaan.

De Vereniging van Kleine Kernen wil de mooie voorbeelden die daarvan in het land al bestaan vast  nog wel een keer komen toelichten in Brielle.