Identiteit

week 38 - 2018

In mijn vakantie las ik over de Turks-Duitse voetballer Özil, die weigerde langer voor het Duitse elftal uit te komen. Nederlandse voetballers van Marokkaanse origine kozen voor het Marokkaanse voetbalteam, terwijl ze geboren en tot voetballer opgeleid zijn in Nederland. Het roept veel emotie op. Er blijkt uit hoe lastig het is voor Nederlanders met een niet-Nederlandse achtergrond om zich erkend te voelen als volwaardige Nederlander. Als Nederlander gelijk aan al die andere Nederlanders. Ze voelen een dubbele identiteit, maar als ze gedwongen worden tot een keuze lijken ze vaker te kiezen voor het land van hun voorouders. Bij andere Nederlanders leidt dat tot onbegrip. Waarom ligt hun loyaliteit niet primair bij het land waar ze wonen, naar school gingen en kansen hebben gekregen tot ontplooiing? Het zijn jammer genoeg voorbeelden van hoe problematisch de integratie in ons land nog steeds is. Hoewel we al lang een multicultureel land zijn, weten we ons daar nog steeds niet naar te gedragen. Dat geldt voor zowel de nieuwe als de oude Nederlanders. Jammer is dat!

Het bracht me ook aan het mijmeren over mijn eigen identiteit. Waar identificeer ik mij zelf het meest mee? Burgemeesters komen bijna nooit uit de plaats waar ze burgemeester zijn. Je bent een soort bestuurlijke nomade. Je eigen wortels liggen doorgaans in een andere streek van het land, soms zelfs in het buitenland. Toch probeer je je zoveel mogelijk met jouw standplaats te identificeren. Je doet je best om de mensen in de gemeente waar je werkt te begrijpen en te doorgronden. Je maakt je de geschiedenis van jouw nieuwe standplaats eigen, sluit zoveel mogelijk aan bij de tradities en gebruiken. En je streeft ernaar onderdeel te worden van de gemeenschap. Van 100-jarigen of 80-plussers die je bezoekt vanwege een huwelijksjubileum hoor je hoe het vroeger was en wat er allemaal veranderd is. Dat levert heel veel informatie en mooie inzichten op. En toch, zal dit alles er toe leiden dat ik ooit een echte Briellenaar word? 

Ik vrees te moeten bekennen dat ik mij nog altijd bovenal een Tukker voel. Ook al ben ik sinds mijn 18e niet meer woonachtig in Twente, heb ik de helft van mijn leven – bijna 30 jaar -  in Voorburg doorgebracht, heb ik ook in andere delen van het land geleefd en komt mijn vrouw uit Limburg. Ik zal in mijn hart altijd een Tukker zijn en blijven. Ik volg FC Twente op de voet (beroerd jaar achter de rug), want daar stond ik vroeger op de jongenstribune. Of bij Herácles. Het Twents Volkslied hangt bij mij thuis in Brielle aan de muur; voorheen hing het in mijn wethouderskamer in het gemeentehuis van Leidschendam-Voorburg. En als ik Briellenaren tegenkom die ook uit Twente komen – ik heb er een aantal ontmoet – dan praten we al gauw ‘plat’ met elkaar. Ik ben trots op alle mooie dingen die uit Twente komen, ook al heb ik daar geen enkele bijdrage aan geleverd. Merkwaardig toch?

Gelukkig is identiteit niet iets statisch. En het hoeft je al helemaal niet te belemmeren om met andere mensen samen een prachtige samenleving te vormen. Het gaat immers niet om waar je vandaan komt, om wat voor kleur of religie je hebt, maar wat je bijdraagt aan de samenleving en wie je bent als mens. Als je zo in het leven staat, kan het enorm verrijkend zijn om je te verdiepen in mensen met een andere herkomst, met een andere identiteit. Ik wens dat iedereen toe.

In mijn werkkamer in Brielle hangt sinds al enige tijd een mooi, ingelijst gedicht van onze Brielse dichteres Corry van der Linden, getiteld: Briellenaren. Ik kreeg het cadeau van een mij dierbare vrijwilligster. Hier komt het.

Briellenaren

Wat zijn dat eigenlijk: Briellenaren?
Dat zijn geen lichte en geen zware
De helft ervan gaat naar de kerk
Onder het motto: “Bid en werk”
De anderen zien het welwillend aan
Want vrijheid staat hier hoog in ’t vaan

Ze zijn geboren in Den Briel
Of zijn hier later komen wonen
En sloten ’t stadje in hun ziel
Houden van wallengroen en toren
Alsof ze er ook zijn geboren
En dat gaat prima met elkaar
Zijn wij niet allen Briellenaar?