Herdenken

 week 20 - 2015

Tussen 27 april en 8 mei moest ik elf keer een toespraak houden, waarvan ook nog drie keer deels of geheel in het Engels. Ter gelegenheid van de Aubade en de ontvangst van de gedecoreerden op Koningsdag, de 1 mei viering van de PvdA-afdelingen op Voorne, de opening van het Bevrijdingsconcert in de Catharijnekerk die zelfde dag, de herdenkingsbijeenkomsten op 4 mei bij het oorlogsmonument en daarna in de Sjoel en op Bevrijdingsdag de veteranen bijeenkomst. Op 3 mei heb ik op het kampement van het Bevrijdingsfestival drie Amerikaanse en 1 Engelse oorlogsveteranen mogen toespreken en ze een medaille namens de gemeente Brielle uitgereikt. Heel bijzonder. En er was nog de opening van de Koningsdagspelen in Vierpolders en het uitzwaaien - ook met een praatje natuurlijk - van een bus met Zonnebloem vakantiegasten.

Op dit moment van schrijven moet ik alleen nog een of twee toespraken houden in onze Tsjechische zusterstad Havlíčkův Brod. Tussen 7-10 mei zijn maar liefst 130 Briellenaren daar om het 30 jarig bestaan van de Stedenband te vieren en ook de viering van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Zelf ga ik ook voor het eerst daar naar toe. Om kennis te maken met mijn Tsjechische collega, maar ook om te benadrukken hoe belangrijk en hecht de vriendschapsband tussen Brielle en Havlíčkův Brod is en moet blijven.

Voor burgemeesters betekenen de laatste dagen van april en de eerste dagen van mei allesbehalve vrije dagen. Want voordat je een toespraak kunt houden, moet je een originele invalshoek proberen te bedenken en de toespraak zelf ook nog schrijven. En dat valt niet mee als op het zelfde moment de media bol  staan over het zelfde thema van herdenken en bevrijding. Als ik afga op de complimenten die ik ontving is me dat redelijk gelukt. Maar ik ben eerlijk gezegd wel blij dat deze reeks van representatieve optredens volgende week weer voor even voorbij is en er weer ‘gewone’ werkweken aankomen.

Toch kijk ik met veel plezier terug op de verschillende bijeenkomsten zelf. De sfeer klopte en er was veel belangstelling. Ik was blij met de grote opkomst bij de Aubade, zeker na alle berichten over dat het dit jaar wellicht niet door zou gaan. En is was zeker ook erg verheugd over de ruime belangstelling voor de officiële dodenherdenking op 4 mei. Twee keer zoveel als voorgaande jaren, hoorde ik het 4/5 mei comité zeggen. Het geeft aan dat ook 70 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog het onderwerp ook bij de naoorlogse en nieuwe generaties nog volop leeft.

Het meest intieme moment van herdenken vond op 4 mei in de Sjoel plaats. Daar werden de namen van de 21 Joodse slachtoffers uit onze gemeente opgelezen, omlijst met stemmige blaasmuziek en verhalen en gedichten gelezen. Het noemen van de namen van de Joodse medeburgers is een zeer gepaste manier om ze te herdenken. Want zolang hun namen worden genoemd of vereeuwigd, zoals op de Stolpersteine bij hun voormalige woonhuizen in Brielle, worden ze immers niet vergeten.

Zelf heb ik die avond een toespraak gehouden en die afgesloten met een gedicht waarin ook een naam van een vermoorde Jood centraal staat. Het is getiteld Ali Ben Libi, uit 1988, van Willem Wilmink, de literatuurwetenschapper, liedjesschrijver en dichter, met wie ik de Twentse geboortegrond deel.

 

            

Aline Ben Libi

Op een lijst van artisten, in de oorlog vermoord,
staat een naam waarvan ik nog nooit had gehoord,
dus keek ik er met verwondering naar:
Ben Ali Libi. Goochelaar.

Met een lach en een smoes en een goocheldoos
en een alibi dat-ie zorgvuldig koos,
scharrelde hij de kost bij elkaar:
Ben Ali Libi, de goochelaar.

Toen vonden de vrienden van de Weduwe Rost
dat Nederland nodig moest worden verlost
van het wereldwijd joods-bolsjewistische gevaar.
Ze bedoelden natuurlijk die goochelaar.

Wie zo dikwijls een duif of een bloem had verstopt,
kon zichzelf niet verstoppen, toen er hard werd geklopt.
Er stond al een overvalwagen klaar
Voor Ben Ali Libi, de goochelaar.

In het concentratiekamp heeft hij misschien
zijn aardigste trucs nog wel eens laten zien
met een lach en een smoes, een misleidend gebaar,
Ben Ali Libi, de goochelaar.

En altijd als een schreeuwer zie
met een alternatief voor de democratie,
denk ik: jouw paradijs, hoeveel ruimte is daar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.

Voor Ben Ali Libi, de kleine schlemiel?
Hij ruste in vrede, God hebbe zijn ziel.