Geen zorg voor later!

week 35 - 2015

Een beetje moderne burgemeester maakt tegenwoordig actief gebruik van de sociale media. Dat bleek althans uit een artikel uit het Burgemeestersblad, het huisblad van het Genootschap van Burgemeesters, van enkele maanden geleden. Ik word daar zelfs nog in geciteerd. Ik doe het dus ook, zij het niet zo heel fanatiek als sommige van mijn collega’s die over bijna iedere activiteit gedurende de werkdagen en zelfs in privé tijd een tweet uitsturen. Het hoort er een beetje bij tegenwoordig.

Maar eerlijk gezegd heb ik geen idee wat nu eigenlijk de invloed van mijn bijdragen is. Soms krijg je wel enige reacties, soms word je zelfs op de vingers getikt omdat je de techniek nog niet helemaal goed beheerst. Inderdaad, ik ben er ook weer geen expert in. Maar in ieder geval blijkt daaruit dat je wel gevolgd – en nog beter, gelezen – wordt. Dat is dan weer een opsteker om er mee door te gaan.

In het Briels Nieuwsland van vorige week (nr. 34) werd een tweet van mij door de vaste columnist (“parttime huisman Leen”) aangehaald.  Hij was het niet eens met mijn positieve reactie op een interview in NRC Handelsblad met ouderenzorg hoogleraar Jos Slaets. Ik vond dat inderdaad een mooi interview. Wat mij bijzonder aansprak is dat deze man pleitte voor een hele andere manier van omgaan met oudere mensen met allerlei gebreken. Met name voor mensen die aangewezen zijn op volledige verzorging in woonzorgcentra.  Zijn stelling was ongeveer dat de ouderenzorg tegenwoordig zo door veiligheidsdenken en risicomijdendheid vanuit de zorgaanbieder beïnvloed wordt, dat het leef- en woonplezier van mensen in hun laatste levensfase er volledig bij inschiet. Voorbeelden: je moet heel veel vertrouwds achterlaten als je naar een woonzorgcentrum moet verhuizen. Geen huisdieren, bezoek dat zich aan bezoektijden en –regels moet houden, eten altijd op hetzelfde moment, de vele veiligheidsprotocollen, et cetera.

De jarenlange hospitalisering en het lange tijd dominante aanbod gericht denken in de ouderenzorg zijn daar debet aan. Klantgerichtheid en vraaggericht denken zijn door toenemende efficiëntiedruk en bezuinigingen er bij ingeschoten. Gelukkig zijn er ook tegenbewegingen die juist wel bevorderen dat oudere mensen, ondanks hun gebreken, ook in een 24-uurs zorginstelling zoveel mogelijk op hun eigen, plezierige manier naar eigen keuze kunnen leven. Dat sprak me destijds al aan bij hoe directeur Hans Becker de Humanitas aanpak in Rotterdam profileerde. Niet de organisatie, maar de mens centraal. Er lijkt in de zorg nu wel sprake van een zekere omslag in denken te zijn, en meer begrip te komen te liggen op de zelfverantwoordelijkheid van mensen om hun tijd en leefwijze in te richten. Dat begint ook met het accepteren van je eigen beperkingen en jezelf niet in een afhankelijkheidsrol willen plaatsen.

Dat was wat me in het interview met Slaets erg aansprak. Dat hij daarbij ook een paar provocerende uitspraken deed zoals dat hij niet kon wachten tot hij zelf ook allerlei gebreken zou krijgen, om aan te tonen dat het ook anders kan, moet in dat licht met een korreltje zout worden genomen. Soms is enige provocatie nodig om het denken echt op een andere leest te krijgen.

Overigens ben ik net als columnist Leen erg benieuwd naar de ervaringen van mensen die nu aangewezen zijn op volledige zorg in een woonzorgcentrum. En naar hoe de nu in het algemeen nog redelijk vitale zestigers en zeventigers aankijken tegen hun oude dag. Want niemand wil volgens mij in de laatste levensfase volledig afhankelijk worden van anderen en jezelf ondergeschikt maken aan allerlei regels en voorwaarden die door anderen bedacht zijn. Dat is althans nu mijn eigen opvatting en verwachting over als ik zelf oud en gebrekkig zal worden. Is dat mooi wensdenken of kunnen we dat echt zo organiseren? Het betekent wel dat we goed moeten nadenken over wat er over tien, twintig jaar aan voorzieningen nodig is en hoe we tot het einde van ons leven gelukkig willen en kunnen blijven.

Ik hoop dat de column van Leen in Briels Nieuwsland goed is voor het op gang brengen van een mooie discussie! Dan is mijn tweet toch nog ergens goed voor geweest.